ACTIE: Gratis verzending op bestellingen boven de 75 euro!

Volgorde van je gitaareffectpedalen

Wat veel gitaristen niet weten, is dat de volgorde waarin je je gitaareffecten plaatst in je effectenketen veel uitmaakt. Zo kan een effect ineens veel anders gaan klinken (wat niet altijd negatief hoeft te zijn).

Kort overzicht

Vooraan in de effectenketen zet je het stemapparaat. Hierna volgt je wah wah, filter, phaser. Daarna komt je compressor. Vervolgens je distortions/overdrives/fuzzes. Als laatst plaats je een boost, chorus, delay en reverb.
Bovenstaande geldt voor 90% van de gevallen. Echter zijn er ook bepaalde fuzzes die juist vooraan moeten in de keten, omdat deze geen gebufferde pedalen verdragen. Het impedantieverschil zorgt ervoor dat je de dynamiek verliest bij het draaien aan je volume knop. De fuzz klinkt niet meer zo rauw als je zou willen.

Waarom in die volgorde?

Stemapparaat

Het beginnen met de tuner lijkt logisch. Je wilt immers niet dat je noot enigszins vervormd wordt door je effecten die ervoor (uit) staan.

Wah wah, filters, phaser

Dit zijn effecten waarbij de frequenties veranderen. Het liefst wordt dit als eerste gedaan, want met een eerder verwerkt signaal (bijv. door een distortion) gaat het effect anders en minder duidelijk klinken (lees: slechter).

Compressor

Nu komt de compressor op je board. De volumepieken die vaak ontstaan bij wah's (of andere filters) worden hier opgevangen en tot een uitgesmeerder en gebalanceerder geluid gebracht. Dat komt ten goede bij de drive-pedalen die hierna komen.

Distortions/overdrives/fuzzes

Deze drive effecten zijn zonder twijfel het meest gebruikt door gitaristen. Er zijn vele verschillen onderling hierin, en wat ook vaak gebeurd is dat deze ook gestackt (opstapelen) worden. Het ene drive pedaal voor het andere kan goed klinken, maar in omgekeerde volgorde juist verschrikkelijk. Het is dan ook testen welke volgorde voor jou het beste klinkt. Vaak speelt de interne versterking (gain) van het effect een grote rol: low-gain pedalen gaan voor high-gain pedalen, omdat het laatste vaak het meeste ruis introduceert in je keten. En dat wil je niet opnieuw versterken.
Zoals boven genoemd kunnen bepaalde fuzzes anders klinken na gebufferde pedalen. Deze dienen dan vooraan in je keten geplaatst te worden. Ook dit is uittesten, jij merkt of het pedaal goed reageert en klinkt of niet.

Flanger/chorus

Dit zijn zogenaamde modulatie effecten, waarbij een deel van het effect wordt bewerkt en teruggevoed. Als je dit in combinatie met je drive gebruikt, behoud je bijvoorbeeld het stereo aspect van een chorus.

Delay/echo

Vaak worden deze redelijk op het eind geplaatst in de keten. Echter verschilt dit per type (analoog, digitaal, dry-out, etc) en is het een kwestie van uitproberen! Sommige delay pedalen kunnen beter met een oversturing overweg dan anderen.

Reverb

Je reverb komt vrijwel achteraan, in ieder geval na de delay effecten.

Boost

Dit pedaal kan op een aantal plaatsen: voor de overdrive (voor extra gain van dat pedaal), voor de delay (als deze anders slecht gaat klinken), maar meestal op het einde zodat je gehele effectenketen wordt versterkt.

Volumepedaal

Volumepedalen kunnen vooraan in de keten, of achteraan. Het is maar net wat voor toepassing je wilt: Zet je het pedaal vooraan, dan krijgen je drive-pedalen minder signaal binnen en kunnen ze anders gaan klinken. Wil je juist je eind-geluid volume wat veranderen, dan zet je op het laatste.